Wat Informatie aan ZOO ons liet zien
Een reflectie van Lien Verwaeren, directeur bij OP/TIL
Tijdens Informatie aan ZOO stond ik twee dagen aan de stand van OP/TIL. Op onze grote kaart van Vlaanderen markeerden we het warme netwerk van openbare bibliotheken dat onze regio’s doorkruist. Die kaart werd een gespreksstarter. En, vooral een spiegel van wat er leeft in het veld. Wat ik hoorde, bevestigde nog maar eens: samenwerken is niet langer een luxe, het is een noodzaak.
Waar menselijkheid en technologie elkaar ontmoeten
Dit jaar stond Informatie aan ZOO in het teken van Informatie in transitie: menselijke waarden in een digitale toekomst. Een thema dat me bijzonder aanspreekt. Want de bibliotheek is vandaag een plek waar menselijkheid en technologie elkaar moeten vinden. Het zit immers in het DNA van onze bibliotheken om toegang tot informatie te democratiseren. En daar is in deze digitale tijden echt nood aan.
De keynote van Guido Thys zette meteen de toon: “De toestand is hopeloos, maar niet ernstig.” Ik weet niet of ik het zelf zo zou verwoorden, maar het was in elk geval een goede starter om verder over na te denken. Ja, de uitdagingen zijn groot: digitalisering, veranderende leesculturen, besparingen op lokaal en Vlaams niveau, … Dat vraagt aanpassingen en zorgt ook hier en daar voor ongerustheid. Maar tegelijk zag ik op de beursvloer zó veel veerkracht, creativiteit en goesting om het samen te doen.
Een kaart vol verbinding
Wat me opviel is dat niet iedereen zich bewust is van wat er al beweegt binnen hun intergemeentelijk samenwerkingsverband Cultuur (IGS). Nochtans zit daar ook voor bibliotheken zoveel winst te maken. Samenwerking over gemeentegrenzen heen maakt bibliotheken weerbaarder, slimmer en innovatiever. Je krijgt er ook de kans om met collega’s ervaringen uit te wisselen en samen de uitdagingen aan te pakken.
Maar evengoed geldt dat binnen de eigen gemeente. De toekomst van de bibliotheek ligt niet in afzondering, maar in verbinding - met cultuur, onderwijs, jeugd, zorg en zoveel andere domeinen. Als je als bibliotheek echt die derde plek wil waarmaken, dan is het belangrijk om te kijken naar de lokale context. Van daaruit zoek je de juiste partners die jouw werking mee versterken.
Hoe een IGS cultuur het verschil maakt
De meerwaarde van intergemeentelijk samenwerken voor bibliotheken vind je terug in ons nieuwste boekje: '5 manieren waarop een IGS het verschil maakt voor een openbare bibliotheek',waarin we tonen hoe 19 IGS’en cultuur in Vlaanderen het verschil maken voor openbare bibliotheken.
Wat ik daar zo mooi aan vind, is dat het boekje toont wat samenwerking doet met mensen.
Het gaat niet enkel over structuren of subsidies, maar over vertrouwen, uitwisseling en vernieuwing.
Vijf thema’s springen eruit:
- Groot en klein (meer) laten lezen
- Lokale collecties groter en toegankelijker maken
- Het thuisgevoel versterken.
- De expertise van medewerkers versterken.
- Samenwerking met partners stimuleren.
Het boekje toont in praktijk wat wij bij OP/TIL elke dag zien, namelijk dat intergemeentelijke samenwerking bibliotheken ruimte geeft om te groeien, te experimenteren en te verbinden.
De bibliotheek als motor voor maatschappelijke verandering
Samenwerking stond ook centraal in de lezing van Anita Németh (Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Nederland) en Joris Eeraerts (Departement Cultuur, Jeugd en Media, Vlaamse overheid). Hun onderzoek voor het Europese werkplan Cultuur 2023–2026 toont hoe bibliotheken actief inspelen op maatschappelijke uitdagingen.
Lokale openbare bibliotheken ontwikkelen creatieve en warme antwoorden op thema’s als laaggeletterdheid, welzijn & gezondheid, cultuurparticipatie, demografische verschuivingen en digitalisering. In nauwe samenwerking met diverse partners worden zij plekken waar oplossingen ontstaan. Vaak met sterke voorbeelden uit IGS-regio’s.
Een sector in beweging, ondanks onzekerheid
Tijdens de gesprekken voelde ik ook veel ongerustheid bij bibliotheekmedewerkers. Lokale besturen werken volop aan hun meerjarenplannen, en op veel plaatsen hoort daar ook het woord besparing bij. De onzekerheid rond de leenvergoeding door Vlaanderen maakt dat gevoel nog sterker.
En toch: de lezingen die ik volgde over de bibliotheek als bruggenbouwer en de derde plek waren hoopvol. Ze herinnerden me eraan dat bibliotheken niet alleen kennis bewaren, maar vooral mensen bij elkaar brengt. Of, zoals iemand me aan de stand zei: “De bibliotheek is de meest laagdrempelige publieke plek waar iedereen mag binnenwandelen.”
Dat is een gedachte die blijft hangen. In de lezing “come, stay, grow” gaf Aat Vos trouwens concrete handvatten om ervoor te zorgen dat je bibliotheek echt die laagdrempelige plek blijft en wat je kan doen om die verder te laten groeien.
Samen kunnen we de toekomst aan
Als ik terugblik op die twee dagen, dan overheerst bij mij één gevoel: optimisme. Optimisme omdat ik zag hoe sterk het netwerk van bibliotheken vandaag is. Vol mensen met ideeën, goesting en geloof in wat cultuur kan doen. Dat optimisme voedt zich niet met naïviteit, maar met het besef dat samenwerking wérkt.
Bij OP/TIL geloven we dat samenwerken de sleutel is tot de toekomst. Want maatschappelijke uitdagingen zijn complex, en geen enkele organisatie kan ze alleen dragen. Samenwerking binnen de gemeente versterkt de lokale slagkracht. Samenwerking buiten de gemeente — intergemeentelijk — opent de blik, verbindt regio’s en bouwt bruggen tussen collega’s en werkingen.
Of, om terug te keren naar Guido Theys: de toestand is ernstig, maar niet hopeloos. Integendeel: samen geeft ze reden tot optimisme.