Londot 3 — een buurtplek in Zwartberg die zichzelf uitvindt
Details
Meer over gedeeld ruimtegebruik: dossier Cultuurplekken van morgen
Interviewer/ Inge Van de Walle
Wijkmanager Sien Willemans vertelt over vertrouwen bouwen en drempels verlagen.
Ik ontmoet Sien online en later op onze inspiratiedag Cultuurplekken van morgen. Daar stelt ze Londot 3 voor aan onze community. Het buurtcentrum in Zwartberg dat ze haar uitvalsbasis noemt. Het gebouw is een gerenoveerde vleugel van een oud mijnschoolcomplex in U-vorm. Een ruime, lichte ruimte met sporen van een verleden dat je hier en daar nog voelt.
Sien is wijkmanager voor Stad Genk en werkt in stadsdeel Noord, een cluster van wijken waaronder Zwartberg. Ze werkt er pas vier jaar, maar is zichtbaar thuis. "Ik fiets vaak bewust door verschillende straten om zichtbaar te zijn. Fysieke aanwezigheid in de wijk is minstens even essentieel als intern afstemmen."
Van mijnschool naar buurtplek
Het gebouw draagt een lang verhaal. Ooit hoorde het bij de mijn. "De werking van Londot vindt haar oorsprong in het mijnverleden van Genk. Rond elke mijnsite ontstonden scholen, buurtvoorzieningen en ondersteunende structuren."
Na de mijnsluitingen liep het leerlingenaantal terug en kwam een vleugel leeg te staan. De stad kocht het gebouw en startte een renovatie. Die duurde langer dan verwacht, onder meer door corona. "Vier jaar is lang om engagement vast te houden, zeker voor vrijwilligersorganisaties." De Chiro moest tijdelijk naar containers en daarna opnieuw. Spanning en onzekerheid stapelden zich op. Toen Sien startte, was het gebouw nog een werf.
Gedeeld gebruik als nieuwe realiteit
Vandaag delen jeugdwerk, buurtverenigingen, stedelijke diensten en welzijnspartners het gebouw. Een logische keuze vanuit de stad voor infrastructuur benutten en samenwerking stimuleren. Maar nieuw en soms spannend voor de gebruikers. Lokalen die vroeger exclusief waren, werden gedeeld. De toog en het keukentje bij de ingang werden gemeenschappelijk.
Vzw De Bol, een groep vrouwen die al jaren buurtmaaltijden, ontbijten en weduwnaarsgroepen organiseert, kreeg door de renovatie een mooie polyvalente zaal. Maar samen met die zaal kwamen nieuwe verwachtingen. "Dat voelde aanvankelijk als een vergiftigd geschenk." Meer verantwoordelijkheid, meer werk, meer onzekerheid over wat het nu eigenlijk zou worden. Intussen is de agenda goed gevuld, vooral met buurtbewoners. Maar die omschakeling vroeg tijd en begeleiding.
Om de zes tot acht weken zitten alle organisaties samen. "Soms gaat het over heel kleine dingen: vuilbakken, fruitvliegjes, wie iets niet heeft opgeruimd. Maar net die kleine ergernissen kunnen groot worden als ze niet uitgesproken worden." Sien vervult daarin een verbindende rol. Ze zit niet in het formele beheer, dat loopt via de dienst Vastgoed, maar ze brengt mensen rond de tafel.
Het koffietoestel aan de toog
Soms zit de betekenis van een plek in een klein gebaar. Toen er koffietoestellen werden geplaatst voor stadspersoneel, pleitte Sien ervoor om het toestel niet in haar bureau te zetten, maar aan de toog in de gemeenschappelijke ruimte. "In het begin was er wantrouwen en moest ik maandelijks het verbruik rapporteren. Een jaar later is dat stilletjes verdwenen."Vandaag drinken mama's er koffie terwijl hun kinderen dansles volgen. Ze zien flyers, raken in gesprek, leren andere activiteiten kennen."
"Een koffietoestel lijkt banaal, maar het draagt bij aan verbondenheid."
Cultuur als schakel
De danszaal is misschien wel het beste voorbeeld van hoe het gebouw breder werkt. De zaal wordt gebruikt door dansgroepen, het jeugdwelzijnswerk, Atlas Open Gym bij slecht weer en organisaties zoals De Regenboog, die werken met mensen met een beperking. "Voor veel gezinnen in de buurt is zo'n infrastructuur niet evident bereikbaar door mobiliteitsproblemen. Hier ligt ze letterlijk in de wijk."
De academie woord en kunst is bewust aanwezig in Zwartberg om drempels te verlagen. Via het jeugdwelzijnswerk kunnen talentvolle kinderen uit kwetsbare gezinnen worden doorverwezen. "Die kruisbestuiving tussen sectoren is misschien wel de grootste meerwaarde." Cultuur is hier geen extra, maar een schakel in een bredere zorglogica.
"Iemand moet het overzicht bewaren, luisteren, vertalen tussen beleid en buurt. Zonder die continue brugfunctie valt gedeeld gebruik snel uiteen." — Sien, wijkmanager Stad Genk
De wijkmanager als vertaler
Siens rol is tweeledig. Ze stemt intern af met stadsdiensten (mobiliteit, onderwijs, welzijn) en is tegelijk aanwezig in de wijk. Als er iets gepland wordt, groot of klein, is het haar inschatting of bewoners extra informatie nodig hebben. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar het vraagt voortdurende aanwezigheid en vertrouwen in beide richtingen.
Gedeeld ruimtegebruik is nooit af, besluit ze. Er zijn spanningen, grenzen van infrastructuur, veiligheidsvereisten. Maar er gebeurt ook veel moois, zoals het Repair Café, waarbij het gebouw voor één dag volledig anders wordt ingericht. "Het is een verhaal met veel lagen. Geen perfect verhaal, maar wel een heel reëel en waardevol verhaal."
Lessen voor het veld
Wat kan je meenemen? Sien vat het zelf samen:
- Gedeeld gebruik vraagt een verbindende figuur die aanwezig is, luistert en vertaalt tussen beleid en buurt.
- Kleine ingrepen, zoals een koffietoestel op de juiste plek, dragen bij aan verbondenheid en kunnen het verschil maken.
- Verwachtingen moeten uitgesproken worden. Kleine ergernissen worden groot als ze blijven liggen.
- Een gedeelde plek is nooit af. Ze vraagt voortdurende afstemming, vertrouwen en de bereidheid om bij te sturen.